Het verhaal van Jaguar is al vaak verteld. Omdat die geschiedenis juist zo omvangrijk is en Dinky Toys ruime aandacht schonk aan dit prestigieuze merk, beperken we ons tot de jaguars D en E.
Op het racecircuit had de Jaguar D zich al ruimschoots bewezen door o.a. de 24-uurs races van Le Mans in 1955,'56 & '57 te domineren. Na die successen moest er wel een wegversie volgen. Dit werd de XKSS (foto links boven). HELAAS! Op 12 februari 1957 vernietigde een felle brand niet alleen al gebouwde wagens, ook de assemblagelijnen en de mallen moesten er aan geloven. Van de 300 geplande XKSS's zouden er slechts 16 op de wegen rondrijden, de meeste in de USA.
De Jaguar E (foto boven midden) was rechtstreeks afgeleid van de D en kwam uit in 1961. Hij bleef in produktie tot 1975. Het E-type bood vooral veel auto voor weinig geld. Na de Series 1 volgden 1.5, 3 & 3. In de loop der jaren bleef het model vrijwel ongewijzigd; alleen de motor werd krachtiger en krachtiger. Vanaf 1966 kon de wagen ook in een 2+2 versie (foto rechts boven) worden besteld. De meeste Jaguars emigreerden naar de States onder de naam XKE. Wegens strenge milieu en veilgheidsvoorschriften moesten er wel een aantal aanpassingen worden gedaan. Zo moesten bvb de carburateurs van 3 naar 2 worden teruggebracht.
DINKY TOYS en JAGUAR (met dank aan Jan Bolts en The Dinky Club England)
Dinky Toys heeft/had iets met Jaguar. In september 1957 bracht DT een versie van de Jaguar D-type uit onder het n° 238. Om de één of andere reden kreeg die een turkoois kleedje. De wieldoppen waren convex of concaaf en beschikbaar in oranje, donkerblauw en vanaf 1960 ook in aluminium. Tegelijkertijd werden ook blaadjes met racenummers uitgebracht. Voor 3 cent kon je de wagen voorzien van een eigen nummer.
Amper een jaar na het verschijnen van de 'grote kat' bracht Dinky Toys onder het n°120 een kleine versie uit. Deze Jaguar verscheen als cabriolet, maar bevatte ook een losse zwarte of grijze hardtop in de doos. Al naargelang het regende of de zon scheen in de huiskamer (althans in de fantasie van de kleine eigenaar) kon de wagen aangepast worden. Dit model werd ook in metallic blauw met zwarte hardtop en crème interieur verkocht. In 1968 zag de 2+2 het daglicht. De produktie duurde tot 1977. Origineel met spaakwielen werden ze in 1976 vervangen door speedwheels. Opvallend waren de openende deuren, koffer en motorkap. Verkrijgbaar in gebroken wit, koperkleurig, metallic purper, -brons en -rood. De 2+2 werd onder n°11 ook als Mini-Dinky op de markt gebracht.
Onder DINKY-MATCHBOX beleefde de Jag zijn zoveelste opleving. Ook al eindigt voor velen de geschiedenis van Dinky Toys met de sluiting van de fabrieken in Liverpool en Bobigny, toch kunnen we ze niet negeren. Met DY-1, DY-1B, DY-18, DY-921, DY-001C, DYB-02, 1/3 van DY-903 en diverse codes 2 en 3 kwam de 'E' weer onder onze aandacht.
THE BIG CAT ROARS AGAIN !